|
De overbrenging van berichten voor de burgerlijke of
militaire overheid geschiedde veelal door eigen boden of; voor particulieren
door rondtrekkende troubadours, monniken of ambachtslieden. In 1799 besloten de
volksvertegenwoordigers (van de Bataafse Republiek) dat de posterijen een
nationale aangelegenheid moesten worden. Het transport van post-stukken vormde
een belangrijk onderdeel. Dat gebeurde aanvankelijk door boden. In 1827 bracht
de districtscommandant van Doesburg de dienstregeling van de ‘dienstbodelopen’
ter kennis aan de gemeenten Angerlo, Didam, Bergh en Wehl. Loopbode Hendrik
Jansen liep tweemaal daags, driemaal per week, heen en weer naar Doesburg om de
correspondentie van de gemeenten over te brengen. Hij ontving daarvoor f 50,-
per jaar. Met de voortschrijdende techniek veranderde het postverkeer. Van
lopend met hondenkar of paardenwagen naar dili-gence, auto, tram, trein, schip
en vliegtuig. Om maar niet te spreken over de huidige digitale
mogelijkheden.
De moderne postdienst ontstond
eigenlijk pas met de postwet van 1850. Deze zorgde voor een grondige hervorming
van de post wat o.a. leidde tot een enorme uitbreiding van (hulp)-postkantoren.
In 1851 werd er een hulpostkantoor in Didam gevestigd in het woonhuis van de
gemeentesecretaris Banke; hij kon dit werk er wel bij doen. Veertig jaar later
opende de directie van de spoorwegmaatschappij een telegraaf- annex
telefoonkantoor bij het station. Met de verheffing van het hulppostkantoor tot
postkantoor besloot men tevens tot nieuwbouw (1906). Er was tenslotte meer
ruimte nodig: er kwamen ook voorzieningen voor een eigen telefooncentrale en
telegraafdienst. Dit gebouw stond in het centrum van het dorp (nu: De Ent) en
deed dienst tot begin jaren zeventig van de vorige eeuw. Voor het gemak van
inwoners buitenaf, opende de PTT bijkantoren in Loil en Nieuw-Dijk. Bij een
‘brieven-gaarder’ kon men daar terecht voor eenvoudige posthandelingen. Deze
kantoren vervielen weer als eerste bij bezuinigingen. Veel protest leverde het
besluit van de PTT om in 1928 de status van het Didamse postkantoor te verlagen
tot hulppostkantoor. De reden: bezuiniging.
In Arnhem was het centraal depot
gevestigd. Van daaruit kwamen alle bestellingen per trein naar Didam. Een
medewerker van de post haalde de spullen (ook geld!) met de bakfiets op bij het
station om ze op kantoor te sorteren en bezorgklaar te maken.
Net
voor de oorlog werd een automatische telefooncentrale in gebruik gesteld; het
handmatig ‘verstekkeren’ om iemand dóór te verbinden behoorde tot het verleden.
En zo gingen de technische ontwikkelingen door. De opening in 1972 van een
prachtig nieuw kantoor aan de Schoolstraat was daar een component van.
Bezuinigingen zijn echter van alle tijden en in 1978 werd de status weer een
trede verlaagd: het hulppostkantoor werd bijkantoor. En vervolgens in 2005:
sluiting van het gebouw. De activiteiten werden ondergebracht bij boekhandel
Bruna aan de Oranjestraat te Didam.
Bronnen:
Documentatie voormalig kantoorhouder dhr. J.M. van Dongen
Gemeentearchief Didam
Volgende
onderwerp: Processie
 |