Liemers Verleden Archieven Didam ABC

Didam - Oorlogsperikelen

Om een snelle opmars naar het (regerings)hart van Nederland te voorkomen, legde de legerleiding eind jaren dertig drie achtereenvolgende verdedigingslinies aan.  De ingerichte grenssignaleringsposten hadden tot taak de opmars van de Duitsers te vertragen door het inwerking (laten) stellen van versperringen. In het centrum van Didam was o.a. ter hoogte van de Mariakerk een versperring opgericht om de doorgang naar Zevenaar-Duiven-Westervoort (IJssel) te bewaken. In de nacht van 9 op 10 mei 1940 trachtte een, als Nederlandse soldaten verklede, groep Duitsers de versperring te passeren. Dat mislukte, maar de daarop volgende Duitse versterking maakte overduidelijk dat de oorlog was begonnen. In het heldhaftig verzet tegen de vijand, speelt de strijd op de Grebbeberg het meest tot de verbeelding. Hierbij lieten de Didamse soldaten S. Löwenstein, P. Bodde, G. Wichers en G. Willemsen het leven.

Na de capitulatie liet de bezetter al snel zijn ware gezicht zien. Het bestuur en de politie werden ‘verduitst’, de persoonlijke vrijheden ingeperkt. Een zeer triest hoofdstuk hierbij vormt de jodenvervolging. Begin 1940 woonden er twaalf joden in Didam. Daaronder de bekende slagersfamilie Löwenstein en de familie Milgram. Abraham Milgram was eigenaar van een borduursel(kant)fabriek. Onder zijn personeel bevonden zich Poolse joden, gevlucht voor de armoede en het antisemitisme. Slechts J. Löwenstein en het echtpaar Milgram met twee dochters ontkwamen aan de ‘endlösung’.

Zoals overal elders verslechterde ook in Didam langzamerhand de situatie. Mensen werden opgepakt en tewerkgesteld in Duitsland voor de oorlogsindustrie. De voedselvoorziening haperde. Het spaarzame voedsel en de gebruiksgoederen gingen op de bon.

Op de  succesvolle acties van de geallieerden, reageerde de Duitsers met steeds drastischer tegenacties. De echte oorlogsdreiging voor de Didamse bevolking begon in september 1944 met de Slag om Arnhem, die zou moeten leiden tot een vrije doorgang van de geallieerden naar het noorden. Duitse troepen namen in deze regio hun stellingen in, de Liemers was oorlogsgebied geworden. Door het mislukken van de geallieerde opmars ontstond er een status quo. In de lente van 1945 zetten de geallieerden hun opmars voort. Echter niet vanuit Arnhem naar de Liemers, zoals de Duitsers verwachtten, maar vanuit Duitsland zelf. Veel weerstand hadden de gedesillusioneerde Duitsers niet meer. Op 3 april 1945 werden Didam en omgeving bevrijd, tot grote opluchting en vreugde van de bevolking.

       

Het bevrijdingsmonument houdt de herinnering levend aan de zwarte periode in de geschiedenis van Didam en aan hen die er heel direct slachtoffer van werden.

Bronnen:

Jaarboek OVD, nummer 4-2 (Didam 1990)
Jaarboek OVD, themanummer ‘Bezetting en Bevrijding van Didam’ (Didam 1995)    

Volgende onderwerp: Post

 

Terug naar de vorige pagina